De totale jaarkosten voor energie en water bestaan normaal gesproken voor meer dan de helft uit kosten voor gas. De kosten voor gas zijn weer te verdelen naar gemiddeld 73% voor verwarmen van de woning, 23% voor warmwater en 4% voor koken. Besparen doe je dus het snelst op het verwarmen van je woning.    

Door je huis goed te isoleren bijvoorbeeld. Daardoor zorg je ervoor dat warmte zoveel mogelijk in huis blijft en niet makkelijk naar buiten weglekt. Maar ook de manier waarop je de thermostaat bedient heeft veel invloed. Je kunt je kamerthermostaat dan ook het beste zien als een geldkraan die je goed moet bedienen. Door bewust gedrag en weten hoe je het beter kan doen valt echt veel te besparen. En, ook niet onbelangrijk, zonder verlies aan comfort.

Bewegingssensor

Er zijn in principe 3 soorten kamerthermostaten: de handbediende thermostaat die je zelf steeds moet instellen, de klokthermostaat die je kan programmeren en de slimme thermostaat. De slimme variant heeft extra functies, afhankelijk van het merk en type. De slimme thermostaat die DELTA levert bij zijn energiemanagement systeem DELTA Comfort Wijzer, is op afstand te bedienen en te programmeren en heeft een beweging sensor. Dus als er gedurende een bepaalde tijd geen beweging wordt waargenomen schakelt de thermostaat automatisch naar een lagere temperatuur.

Bouw je temperatuur op

Energie besparen doe je vooral als je de verwarming van je woning op een efficiënte manier regelt. 1 graad lager kan wel tot 7 procent besparen. Alle warmte die je in het huis stopt en waar je geen gebruik van maakt, is zonde van de warmte. Die lekt immers ook weer weg naar buiten. De snelheid van dit weglekken is afhankelijk van de mate van isolatie en kierdichtheid van je huis. Als je geen laagtemperatuur verwarmingssysteem hebt met bijvoorbeeld een warmtepomp, kun je het zuinigst stoken door:

  • Bij langere tijd afwezig (1 dag of meer afwezig) de thermostaat op maximaal 10 graden instellen.
  • s’ Nachts en bij minder dan 1 dag afwezig de thermostaat 5 graden lager te zetten. Bijvoorbeeld van 19 naar 14.
  • Als je thuis bent én lichamelijk actief, dat is meestal vooral in de morgen en in de middag,  de  thermostaat enkele graden lager te zetten dan wanneer je lichamelijk geen inspanningen meer verricht.  Dat is meestal in de avond voor de buis of met een goed boek op schoot. Door dit ‘opbouwen’ van de temperatuur gedurende de dag optimaliseer je de verhouding comfort en besparen.